Een commentaar op het Bijbelboek dat ons leert hoe we mogen en moeten klagen over Gods onbegrijpelijke wegen

In de Concordia Commentary verschenen inmiddels vijf delen van de hand van R. Reed Lessing. Na de delen op Jona, Amos, Jesaja 40-55 en Jesaja 56-66 verscheen een uitleg van Klaagliederen. De auteur was van 1999 tot 2013 als hoogleraar exegetische theologie aan het Concordia Seminary in St. Louis verbonden. Aan de eigenlijke uitleg gaat een inleiding van 92 pagina’s vooraf. Daarnaast wordt elk van de vijf hoofdstukken van Klaagliederen met een excurs besloten.

Voor het laatste hoofdstuk is dat de relatie tussen Klaagliederen en Jesaja 40-55. Die relatie wordt algemeen erkend, maar veelal stelt men dat in Jesaja 40-55 op Klaagliederen wordt teruggegrepen. Reed Lessing houdt vast aan de opvatting dat het hele boek Jesaja uit de achtste eeuw vóór Chr. stamt en teruggaat op de profeet wiens naam dit boek draagt. Daarom stelt hij het omgekeerde. In Klaagliederen wordt bij herhaling op Jesaja 40-55 gezinspeeld.

Heel grondig stelt de Reed Lessing de inhoud van het boek Klaagliederen aan de orde. Met zoveel woorden wordt de auteur in het boek zelf niet genoemd. Traditioneel wordt dit boek aan de profeet Jeremia toegeschreven en Reed Lessing voert meerdere argumenten aan om deze zienswijze te volgen. Zeker is dat het boek vrij kort na de verwoesting van Jeruzalem in 587 vóór Chr. is geschreven.

De klachten in Klaagliederen overtreffen die van Jeremia in het boek dat zijn naam draagt. Ze zijn vergelijkbaar met de klachten in het boek Job. De dichter geeft aan de HEERE niet te kunnen begrijpen. Waarom is de op zich verdiende straf zo disproportioneel? Bij de straf gaat het dan om een straf die niet louter een individu treft maar de gehele gemeenschap. Klaagliederen laat ons zien dat wij deze vraag aan de HEERE mogen stellen. In het excurs bij het eerste hoofdstuk wordt de plaats van emoties in het Klaagliederen aan de orde gesteld en wordt duidelijk dat dit Bijbelboek ons aanmoedigt onze emoties – en dan ook emoties richting God – te uiten.

Klaagliederen – en dan geldt dat vooral het derde hoofdstuk – getuigt ook van de trouw van de HEERE of beter geformuleerd: de dichter kan niet nalaten bij al zijn vragen van de trouw van de HEERE te getuigen. Het slot van het boek Klaagliederen getuigt van de hoop en verwachting van omkeer. Het gebed waarmee dit Bijbelboek eindigt is zowel een gebed voor het herstel van Jeruzalem als voor geestelijke vernieuwing. De woorden uit Klaagliederen 5:21 laten zien dat het volk waarvan de dichter in hoofdstuk 5 de spreekbuis is, weet dat initiatief daartoe van Gods kant moet komen. Hij moet het hart besnijden, zo wist de dichter vanuit Deuteronomium 30:6.

Reed Lessing wijst erop dat in Klaagliederen niet de namen van Nebukadnézaer, Babel en Zedekia worden genoemd. Ook ontbreekt een verwijzing naar Gods heilshandelen in de geschiedenis van Israël. Welbewust, zo stelt hij, wordt het leed en verdriet over de val van Jeruzalem en alles wat daarmee gepaard ging, in universele beschrijvingen verwoord. Zo wordt het leed zo dicht mogelijk bijgebracht.

Klaagliederen is het strakst geordende boek uit het Oude Testament. Hij telt vijf gedichten. Vier ervan zijn acrostichons. Deze stijlfiguur waarbij elke dichtvers of elke strofe met een opvolgende letter uit het Hebreeuwse alfabet begint, wordt gebruikt om de volkomenheid en omvang van de klacht te onderstrepen. Al is het vijfde hoofdstuk geen acrostichon. Ook dit hoofdstuk telt 22 dichtverzen naar het getal van de letters van het Hebreeuwse alfabet. In Klaagliederen 1 gaat de ain aan de pe vooraf. Reed Lessing geeft als mogelijkheid dat de volgorde van de letters nog niet geheel vast lag.

Klaagliederen 1 en 2 tellen 67 dichtverzen en Klaagliederen 3 telt er 66. Daar begint niet elke strofe maar elk drietal dichtverzen met een opeenvolgende letter uit het Hebreeuwse alfabet. De auteur vestigt de aandacht op dat enjambement waarbij de grammaticale structuur de grenzen niet alleen van een lijnstuk (colon) van een dichtvers overschrijdt maar ook van een dichtvers zelf, regelmatig voorkomt in Klaagliederen.

Reed Lessing laat zien dat er in Klaagliederen meerdere stemmen aan het woord komen. Dat is de stem van Jeremia als dichter zelf en daarnaast die van Sion de stad die als een bedroefde moeder wordt voorgesteld. Naast de individuele klacht van de profeet vinden we in de hoofdstukken 3 en 4 ook gemeenschappelijke klachten. Het vijfde en laatste hoofdstuk is in zijn geheel een gemeenschappelijke klacht.

De auteur gaat ook in op de plek die Klaagliederen onder de Bijbelboeken kreeg. In de codices van de Septuaginta wordt Klaagliederen na Jeremia geplaatst en in die volgorde vinden wij het in onze Bijbeluitgaven. In Hebreeuwse handschriften komt Klaagliederen in het derde deel van de oudtestamentische canon, zoals de synagoge die kent, voor en wel onder de Geschriften. Klaagliederen is een van de zogenaamde Feestrollen. In de synagoge wordt dit boek gelezen op de negende dag van de maand Ab bij de herdenking van de verwoesting van zowel de Eerste als de Tweede Tempel. De Eerste en de Tweede Tempel werden namelijk op dezelfde dag verwoest.

In de codex Leningrad, die ten grondslag ligt aan de huidige wetenschappelijke uitgaven van het Hebreeuwse Oude Testament komen de Feestrollen in historische volgorde voor: Ruth, Hooglied, Prediker, Klaagliederen, Esther. In de zogenaamde rabbijnenbijbels van de Askenazische Joden wordt de volgorde gevolgd waarin de feesten worden gevierd: Hooglied (Pasen), Ruth (Pinksteren), Klaagliederen (Verwoesting van de Tempels), Prediker (Loofhutten), Esther (Purim).

Ik beveel dit commentaar hartelijk aan. Voor wie wel Engels maar geen Hebreeuws beheerst is dit commentaar ook een aanrader. Er wordt weliswaar zeer uitvoerig op de Hebreeuwse tekst ingegaan, maar dat gebeurt in een aparte rubriek. Wie geen Hebreeuws beheerst, kan die overslaan. Voor wie wel Hebreeuws beheerst, is deze uitleg onder andere dankzij deze rubriek zo waardevol. Alle vragen waarvoor de Hebreeuwse tekst ons stelt en zo goed als alle zaken waarop men moet letten bij de Hebreeuwse tekst worden in deze rubriek beantwoord.

R. Reed Lessing, Lamentations, Concordia Commentary (St. Louis: Concordia Publishing House, 2024), hardcover 532 pp., $69,99 (ISBN 0758672603)

Plaats een reactie