Een commentaar op de zo rijke brief van de apostel Paulus aan de Kolossenzen

Al bijna twintig jaar geleden verscheen in de serie Concordia Commentary een uitleg van de brief van Paulus aan de Kolossenzen. De auteur Paul E. Deterding is predikant binnen de Lutheran Church Missouri Synod en heeft als gastdocent zowel aan Concordia Theological Seminary in Fort Wayne als St. Louis les gegeven. In het woord vooraf stelt Deterding terecht dat de christologie het centrum is van alle bijbelse theologie en dat de schepping het uitgangspunt is en de vooronderstelling van alle christelijke theologie en de eschatologie het doel is van alle bijbelse theologie. Terecht stelt de auteur dat op al deze terreinen de brief aan de Kolossenzen een rijke bron is van christelijke theologie.

De bijzondere betekenis van de brief aan de Kolossenzen is gelegen in de ontvouwing van de relatie tussen Christus en de geschapen orde. Deze brief laat ons zien dat de christologie ook kosmische dimensies heeft. Van bijzonder belang is de aandacht die Paulus schenkt aan de machten van deze wereld en hun relatie tot de schepping. Hij laat zien wat de zaligmakende daden van God in Jezus Christus en de relatie van hen die Christus toebehoren tot de machten van deze wereld stempelt.

De gemeente van Kolosse was niet door Paulus zelf gesticht. Op een enkeling na (en dan moeten we denken aan Philemon, Archippus, Onesimus en Epaphras) had de apostel de ontvangers van zijn brief nooit ontmoet. Paulus schreef deze brief uit de gevangenis, terwijl Epaphras bij hem was. Alles wijst erop dat de zendingsarbeid van Epaphras gebruikt is voor de stichting van de gemeenten in Kolosse, Laodicea en Hiërapolis. Ik val Deterding bij dat de traditionele visie dat Paulus zijn brief aan de Kolos-senzen vanuit Rome schreef nog altijd de beste papieren heeft. Men kan weliswaar ook aan Efeze denken, maar dat Paulus daar metterdaad gevangen heeft gezeten, blijft een vooronderstelling.

Als het gaat om de eigen stijl van de brief aan de Kolossenzen wijst Deterding erop dat er in de taal meer overeenkomsten zijn met de brieven die door alle Bijbelwetenschappers aan Paulus worden toe-geschreven, dan wel eens wordt gesuggereerd. In de brief aan de Kolossenzen vinden we meerdere woorden die wij in het Nieuwe Testament voornamelijk en meer dan eens ook uitsluitend bij Paulus tegenkomen. Deterding noemt onder andere de voorliefde van Paulus om in hun onmiddellijke nabij-heid synoniemen van elkaar te gebruiken, woorden of uitdrukkingen met gelijke of sterk verwante betekenis zonder connectief met elkaar te verbinden en het gebruik van een meervoud van genitivi.

De brief aan de Colossenzen vertoont een nauwe band met die aan Philemon en aan de gemeente van Efeze. Over de relatie tussen de brief aan de gemeente van Kolosse en die van Efeze wordt verschil-lend gedacht. Deterding wijst er terecht op dat de ene brief niet als een uitbreiding of verkorting van de andere brief moet worden gezien. Elke brief heeft zijn eigen accent.

In de brief aan de Kolossenzen valt de nadruk op Christus als hoofd van Zijn lichaam, namelijk de gemeente en die aan de gemeente van Efeze op de gemeente als lichaam van Christus waarvan Hij het hoofd is. Wat beide brieven met elkaar verbindt, is dat het feit dat het kerugma (Efeze 1:1-4:16; Kolessenzen 1-2) gevolgd wordt door de paranese (Efeze 4:17-6:24; Kolossenzen 3-4). Deterding schreef een waardevol commentaar op deze bepaald niet de eenvoudigste, maar toch zo rijke brief van Paulus.

Paul E. Deterding, Colossians, Concordia Commentary (St. Louis: Concordia Publishing House, 2003), hardcover 224 pp., $59,99 (ISBN 0758603134)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s