De klacht van een zondares

Catherine Parr was de laatste vrouw van koning Hendrik VIII. Toen zij met hem trouwde, was zij al tweemaal weduwe. Een half jaar na de dood van Hendrik VIII huwde zij Thomas Seymour, een oom van koning Edward VI, de stiefzoon van Catharine. Haar vierde huwelijk duurde slechts kort. Ze overleed aan de complicaties van een bevalling en overleefde zo Hendrik VIII niet meer dan een jaar en acht maanden. Haar begrafenis werd gehouden op 7 september 1548 en was de eerste protestantse begrafenis in Engeland die in het Engels en niet in het Latijn werd gehouden

Catherine had een hechte band met de drie kinderen van Hendrik VIII: Mary, Elizabeth en Edward. Ze was persoonlijk betrokken bij de opvoeding van Elizabeth en Edward. Vanwege haar protestantse sym-pathieën riep ze de vijandschap over zich af van anti-protestantse regeringspersonen. Deze probeerden de koning tegen haar op te zetten. Er werd een arrestatiebevel voor haar werd opgesteld. Zij en de koning verzoenden zich echter al snel. Een gewapende bewaker die niet op de hoogte was van de verzoening probeerde haar nog te arresteren terwijl ze met de koning wandelde

Tegen het midden van de jaren 1540 kwam ze onder de verdenking te staan dat ze eigenlijk een protestant was. Evenals bij haar oom Thomas Cranmer, de aartsbisschop van Canterbury, werd al helemaal na de dood van Hendrik VIII publiek duidelijk dat deze verdenking volstrekt juist was.

Anoniem publiceerde Catharina in 1544 Psalms or Prayers (Psalmen en gebeden). Het was haar ver-taling van een Latijns werk van bisschop John Fisher. Als eerste vrouw publiceerde zij het jaar daarop een boek onder haar eigen naam. Dat had als titel Prayers or Meditations (Gebeden of meditaties). Feitelijk is het een bewerking van het derde boek van Thomas à Kempis Imitatio Christi (De navolging van Christus). Haar stiefdochter Elisabeth, de latere koningin, vertaalde het werk in december 1545 in het Latijn, Italiaans en Frans als nieuwjaarsgeschenk voor Hendrik VIII en presenteerde het manus-cript aan hem in een prachtige hand geborduurde omslag.

In 1547 verscheen een tweede werk van de hand van Catharine Parr, namelijk The Lamentation of a Sinner (De klacht van een zondaar). Catharine was een vrouw met een goed verstand. Ze was char-mant en zeer wilskrachtig. Als het gaat om haar geloofsovertuiging, leidt het geen twijfel dat zij de boodschap van de Reformatie uit innerlijke overtuiging bijviel. Zij had de kracht ervan leren kennen. Dat blijkt wel uit de volgende citaten uit The Lamentation of a Sinner.

Ik heb boven deze bijdrage de titel De klacht van een zondares geplaatst om zo recht te doen aan het feit dat de auteur een vrouw was. Dit is zeker dat of we nu man of vrouw zijn, jong of oud of we boven aan de maatschappelijke ladder staan of ergens onderaan, als we weten van de kracht van Gods genade, vallen we de woorden van Catharine Parr bij.

*

‘Mijn kwaad en mijn ellendigheden zijn zo talrijk en groot dat zij mij in mijn gezicht beschuldigen. Hoe ellendig en verdorven ben ik beschaamd, wanneer ik vanwege de veelheid en de grootheid van mijn zonden mij gedrongen voel mijzelf te beschuldigen. Was het geen ongekende onvriendelijkheid dat terwijl God tot mij sprak en mij riep, ik hem niet wilde antwoorden. (…) Ik maakte een afgod van mijzelf, want ik had mijn eigen ik meer lief dan God. (…)

Verder meen ik dat het bloed van Christus niet genoegzaam was om mij van het vuil van mijn zonden te wassen. (…) En daarom acht ik mijzelf een van de meest verdorven en ellendige zondaren in de wereld, omdat ik zo gekant was tegen Christus, mijn Zaligmaker. (..) Aanmatigend kende ik geen enkele waarde toe aan de gekruisigde Christus, maar probeerde mijn eigen gerechtigheid tot stand te brengen en zei ik met de trotse farizeeër: ‘Heere ik dank u dat ik niet ben zoals de anderen mensen, rovers, onrecht-vaardigen, overspelers enz.’

Met zulke woorden van ijdele eer verhoogde ik mijzelf en verachtte ik anderen. Ik werkte als een huurling voor loon en niet als en geliefd kind slechts uit liefde zonder loon te verwachten. (…) Maar nu wat geef mij de vrijmoedigheid terwijl ik toch zo’n groot zondaar ben met zo’n gedurfdheid tot de Heere te komen? Waarlijk niets dan Zijn eigen woord. Want Hij zegt: ‘Komt herwaarts tot Mij, allen die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven.’ (…)

Toen God uit Zijn loutere goedheid mijn ogen opende en mij met een bovennatuurlijk gezicht van geloof Christus, de Wijsheid van God, het Licht van de wereld, deed zien, werden mij alle begeerlijk-heden, eer, rijkdom en weelde bitter. (…) In Christus aan het kruis zien we hoe groot de pijnen van de hel en hoe heerlijk de vreugden van de hemel zijn en hoe erg en pijnlijk zal het zijn voor hen die Christus, deze zoete, gelukkige en heerlijke vreugde. moeten missen.

Daarom dit kruis is het boek waarin God alles heeft ingesloten en het meest uitvoerig alle waarheid heeft geschreven die nuttig en noodzakelijk is tot onze zaligheid. Lasten we ons er daarom op toeleggen dit boek te bestuderen, opdat wij verlicht door Gods Geest Hem dank geven voor zo’n grote weldaad.’

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s