George Whitefield (1714-1770) was de meest invloedrijke Anglo-Amerikaanse evangelische leider van de achttiende eeuw. Hij predikte in Engeland, Schotland en Wales. Zevenmaal stak hij over naar Amerika. Zo’n oversteek was toen een hele onderneming. In alle toenmalige Engelse koloniën in Amerika verkondigde hij het Evangelie. In alle koloniën was zijn naam breed bekend en daarin werd hij in zijn tijd door niemand overtroffen. Hij wordt mede daarom wel de geestelijke ‘Founding Father’ van de Verenigde Staten genoemd. Omdat de Amerikaanse Revolutie pas na zijn dood uitbrak, weten we niet hoe hij zich daartegenover zou hebben verhouden.
Dit is zeker dat wij van deze grote opwekkingsprediker nog altijd kunnen leren. Hij schreef geen theologische verhandelingen. We kennen hem uit zijn preken, brieven en journalen. Tom Schwanda, gepensioneerd universitair hoofddocent aan het Wheaton College, en Ian Maddoc, lector aan het Sydney Missionary and Bible College, schreven in de door Crossway Books uitgegeven serie The Theologians on the Christian Life een deeltje over George Whitefield.
De titel van het deeltje New Birth to Enjoy God (Nieuwe geboorte om God te genieten) is een treffende typering van Whitefields boodschap. Dat blijkt wel uit het volgende citaat uit een van zijn preken: ‘De grondslag van Gods openbaring aan de mensheid was onze val in Adam en de noodzaak van onze nieuwe geboorte in Christus. En als we de Schriften onderzoeken zoals we die behoren te onderzoeken, zullen we erachter komen dat de hoofdsom en de substantie, de alfa en de omega, het begin en het einde ervan is ons te leiden tot de kennis van deze twee grote waarheden.’
Door het lezen van het boek van de zeventiende-eeuwse Schotse theoloog Henry Scougal: The Life of God in the Soul of Man (Het leven van God in de ziel van de mens) had Whitefield niet alleen zicht gekregen op de noodzaak van de wedergeboorte, maar dit boekje was ook het middel geworden dat hij mocht weten dat hij uit de duisternis tot Gods licht was getrokken. Heel concreet wist hij van dat ene moment. Was hij later in zijn leven in Oxford dan ging hij altijd even naar de plaats waar voor hem het licht doorbrak.
Als hoogkerkelijke anglicaan had hij tot dusver gedacht dat deelgenootschap aan de sacramenten hem deel gaf aan Christus. Wekelijks nam hij dan ook deel aan het avondmaal en ernstig bereidde hij zich daar telkens weer op voor. Nu wist hij dat dit alles een mens niet baat als Gods Geest hem niet levend maakt en met Christus verenigt.
Pas na enige tijd ging hij de boodschap van de rechtvaardiging verstaan en ook daarin zien we een ontwikkeling. Voordat hij welbewust calvinist werd gaf hij de indruk dat hij de rechtvaardiging liet opgaan in de vergeving van de zonden. Steeds meer krijgt hij er echter zicht op dat de rechtvaardiging is gebaseerd op de toegerekende gerechtigheid van Christus waaraan de zondaar die tot Christus vlucht deel krijgt. Onze zonden en ongerechtigheid worden Christus toegerekend en Zijn gerechtigheid wordt aan ons toegerekend.
Meer dan eens heb ik in Nederland theologen een onderscheid zien maken of horen maken tussen wedergeboorte-theologie en een theologie waarin de rechtvaardiging door het geloof centraal staat. Niet alleen van Whitefield maar feitelijk van alle vertegenwoordigers van het achttiende-eeuwse Evangelical Revival kunnen we leren dat dit een onjuiste tegenstelling is. Beide zaken leerden zij zeer krachtig prediken. De zondaar die door Gods Geest wordt levend gemaakt, leert steunen op Christus alleen en ziet zelfs zijn beste werken als een wegwerpelijk kleed om deze uitdrukking uit Jesaja 64 te gebruiken. Ik geef een typerende uitspraak van Whitefield door: ‘Als je Christus kent en Hem gekruisigd, dan weet je genoeg om gelukkig te zijn, zelfs als je niets anders weet. En zonder dit kan al je andere kennis niet voorkomen dat je eeuwig ellendig bent.’
Al bleef Whitefield zich verbonden voelen met John en Charles Wesley, heel openlijk en beslist leerde hij Gods eeuwige en soevereine verkiezing en publiek sprak hij zich tegen hun gevoelens uit. Dat gold ook voor de gedachte van de gebroeders Wesley dat zondeloze volmaaktheid in dit leven mogelijk is. Als het ging om het kennen van Christus en leven voor Hem kon Whitefield het in een gebed zo verwoorden: ‘Heere, help te beginnen ermee te beginnen.’
Aanvankelijk kende Whitefield te veel waarde toe aan gevoelens en indrukken. Hij verbond ze al te gemakkelijk met de Heilige Geest. Daarin is hij later evenwichtiger geworden. Heel sterk heeft hij het belang van persoonlijk gebed en meditatieve Schriftlezing onderstreept. In deze weg beoefenen we omgang met God en leren we God kennen. Whitefields diepe wens was zondaren te leiden tot Christus. Daarom wilde hij door zijn prediking wakker schudden en wees hij op de ernst van de toekomende toorn. Zondaren die zich afvroegen hoe zij zalig moesten worden, wenste hij tot Christus te leiden. Aanwijzingen en adviezen waren erop gericht geen zijpaden in te slaan en ook hadden zij als doel bezwaren weg te nemen. Voor hen die tot Christus geleid waren gaf Whitefield onderwijs om toe te nemen in de kennis van Christus.
Whitefields visie op slavernij is vanuit onze optiek ambivalent. In de Amerikaanse koloniën was dat een brandende kwestie. Whitefield wees slavenhouders er nadrukkelijk op dat ook mensen met een zwarte huidskleur door God waren geschapen en dat er ook voor hen redding was. Slavenhouders behoorden hun slaven waardig te behandelen. Zijn prediking heeft vele zwarte Amerikanen geraakt. Toch meende hij ook dat slavernij in bepaalde omstandigheden onontkoombaar was. In zijn Bethesda weeshuis zo’n vijftien kilometer van Savannah in Georgia werden voor de exploitatie ervan slaven gebruikt.
John Newton die een halve generatie later leeftijd dan Whitefield en meer dan eens Whitefield heeft gehoord, is nog na zijn bekering kapitein op een slavenschip geweest. Als predikant heeft hij echter juist het Britse parlementslid William Wilberforce krachtig gesteund in zijn strijd voor afschaffing van de slavenhandel en later van de slavernij. Hoe Whitefield hier tegenover had gestaan, als hij langer had geleefd is een vraag die wij niet kunnen beantwoorden
Whitefields blijvende betekenis ligt in zijn krachtige prediking van het Evangelie met als speerpunten de noodzaak van wedergeboorte en van steunen op Christus en wat Hij voor ons deed en dan maakte Whitefield telkens weer duidelijk dat hoezeer van ons ook wordt gevraagd heilig voor God te leven, wij niets behoeven toe te voegen aan de prijs die voor ons is betaald. Genade is echt vrije genade.
Tom Schwanda en Ian Maddock, Whitefield on the Christian Life: New Birth to Enjoy God (Wheaton: Crossway Books, 2025), paperback 232 pp., $22,99 (ISBN 9781433566042)